Situatie

Waar en wanneer speelde het zich af? Vraag naar een specifiek voorbeeld, niet naar "meestal".

Taak

Wat was de rol van de kandidaat? Wat werd er van hem of haar verwacht?

Actie

Wat deed de kandidaat zelf? Let op "wij": vraag door naar "ik".

Resultaat

Wat was het gevolg? En wat zou de kandidaat de volgende keer anders doen?

Doorvragen

  • "Wat zei je precies?"
  • "Wat deed je daarna?"
  • "Hoe reageerde de ander?"

Scoren

Scoor per competentie meteen na de vraag, met een vooraf afgesproken schaal. Zo vergelijk je kandidaten op dezelfde basis.